De grauwe gans is een grote gans met bruingrijs verenkleed, roze poten en oranjeroze snavel. In de vlucht is hij te herkennen aan de tweekleurige ondervleugel en lichte voorvleugel. De grauwe gans is de voorvader van de tamme gans. De paarband is voor het leven. Hij heeft een waggelende gang en komt vooral voor in een vochtige omgeving, zoals ondiepe meren met rietvelden, zoetwatermoerassen, rotshellingen en heide. De meeste ganzen zijn wintergasten, maar de grauwe gans is de enige grijze gans die in de zomer in Nederland voorkomt en broedt. |