De oehoes (Bubo) vormen een geslacht van uilen, waartoe de grootste soorten ter wereld behoren. Oehoes hebben lange oorpluimen en grote, felgele tot oranje ogen met forse, zwarte pupillen. Verder is het bruin en donkergevlekt verenkleed typerend, evenals de afwezigheid van een nek. De kop van de Oehoe is erg breed en bevindt zich recht boven het lichaam. De oehoe dankt zijn naam aan het geluid dat hij maakt. Wanneer de Oehoe zijn vleugels uitslaat vormt hij door zijn imposante voorkomen een bedreiging voor de meeste van zijn voedselconcurrenten. De Bengaalse oehoe (Bubo bengalensis) is een oehoe die voorkomt in de westelijke Himalaya, India en Pakistan. Hij voedt zich met ratten, muizen, kikkers en kleinere vogels. In vergelijking met de Europese oehoe is hij aanzienlijk kleiner. |